Je hebt thuis een prima oefenversterker, maar zodra je met een bandje in een repetitieruimte staat verdwijnt je gitaar volledig achter het drumstel. Hoeveel watt heb je nu echt nodig om boven een akoestische drummer uit te komen? Het antwoord hangt minder van het wattage af dan de meeste mensen denken.
De vuistregel: 30 watt buizen, 50 tot 100 watt transistor
Voor repeteren met een akoestisch drumstel red je het met een buizenversterker van ongeveer 30 watt. Denk aan een Fender Blues Junior (15 watt) die het net aankan, of een Vox AC30 die ruim genoeg is. Werk je met een transistor- of modelingversterker, dan wil je richting 50 tot 100 watt. Een Boss Katana 50 zit op de grens: genoeg voor een repetitie met een rustige drummer, krap bij een stevige rockdrummer.
Dat verschil tussen buizen en transistor is geen mythe. Een buizenversterker gaat vloeiend vervormen als je hem opendraait en klinkt daardoor luider dan zijn wattage suggereert. Een transistorversterker klinkt tot vlak voor zijn limiet netjes en gaat daarna hard clippen. Vandaar dat 30 watt buizen ongeveer overeenkomt met 60 tot 100 watt transistor.
Watt is niet lineair
Hier gaat het vaak mis. Van 50 naar 100 watt gaan levert slechts 3 decibel extra op: nauwelijks hoorbaar als een sprongetje in volume. Om echt twee keer zo luid te klinken (10 decibel erbij) heb je tien keer zoveel vermogen nodig. Een versterker van 100 watt is dus niet twee keer zo luid als een van 50 watt, maar een fractie luider.
Dat betekent dat je met alleen meer watt kopen zelden je probleem oplost. Kom je nu niet boven de drums uit met 50 watt, dan ga je dat met 100 watt ook nauwelijks merken.
De speaker doet het echte werk
Wat wel enorm scheelt is de speaker en het aantal speakers. Een 12-inch speaker verplaatst veel meer lucht dan een 8- of 10-inch. En de gevoeligheid van de speaker, uitgedrukt in decibel bij 1 watt op 1 meter, verschilt per model behoorlijk. Een speaker van 100 dB klinkt bij hetzelfde wattage 3 decibel luider dan een van 97 dB. Dat is hetzelfde effect als je vermogen verdubbelen, maar dan voor de prijs van een speaker.
Zet de versterker op oorhoogte
Een combo op de vloer schiet zijn geluid tegen je knieholtes. Kantel hem of zet hem op een krat of standaard, en je hoort jezelf ineens veel beter zonder ook maar een watt extra.
Middentonen winnen het van volume
Een drumstel vult vooral de lage tonen (basdrum) en de hoge tonen (bekkens). De ruimte die overblijft zit in het midden. Draai je middenregeling omhoog en je scoopte laag iets terug, en je gitaar snijdt er ineens doorheen zonder dat je harder speelt. Veel gitaristen zetten de mid op nul omdat dat thuis lekker klinkt, en verdwijnen daardoor in de band.
Tot slot: mik op 30 watt buizen of 50 watt transistor met een 12-inch speaker, zet hem op oorhoogte en draai je middentonen open. Dat werkt beter dan blind naar een versterker van 100 watt grijpen.