Als beginnende gitarist begin je met een metronoom op 60 tot 70 BPM. Dat is langzaam genoeg om je akkoordwissels rustig voor te bereiden, en snel genoeg om niet te gaan slepen. Pas als je een stuk drie keer achter elkaar zonder fout speelt, ga je met 5 BPM omhoog.
Waarom 60 BPM een goed startpunt is
Bij 60 BPM tikt de metronoom precies één keer per seconde. Dat voelt voor de meeste beginners bijna té rustig, maar juist daardoor hoor je meteen waar het misgaat. Een akkoordwissel die op 90 BPM nog net lukt, blijkt op 60 vaak niet netjes op de tel te vallen. Je ziet ook sneller of je vingers te vroeg of te laat landen.
Een voorbeeld met vier akkoorden
Neem een eenvoudige reeks als G, C, D en Em, elk akkoord vier tellen. Op 60 BPM heb je per akkoord vier seconden. Voor iemand die net begonnen is, is de wissel zelf vaak het probleem, niet het aanslaan. Oefen daarom eerst alleen de wissel: speel één keer aan en wissel op de vierde tel. Lukt dat vijf keer achter elkaar zonder te haperen, dan klim je naar 65 BPM.
Zo bouw je het tempo op
Verhoog het tempo in kleine stappen van 4 tot 5 BPM. Grotere sprongen werken meestal niet, omdat je dan fouten gaat inslijten. Een bruikbare opbouw is 60, 65, 70, 76, 80 en 88 BPM. Veel bekende liedjes voor beginners liggen tussen 80 en 110 BPM, dus je hebt na enkele weken serieuze oefening een realistisch doel. Hoe lang je daar precies over doet, hangt af van hoeveel minuten je per dag oefent, maar dagelijks 15 tot 20 minuten met metronoom levert vaak meer op dan een uur zonder.
Welke metronoom heb je nodig?
Een gratis app op je telefoon doet het prima, en een losse digitale metronoom kost ongeveer €10 tot €20. Mechanische modellen met een slinger zien er mooi uit en kosten vaak €25 tot €45, maar ze zijn minder nauwkeurig en vragen een vlakke ondergrond. Kies een model waarmee je ook het aantal tellen per maat kunt instellen, zodat je een duidelijke accent op de één hoort. Dat helpt enorm bij het voelen van de maat.
Veelgemaakte fouten met de metronoom
Veel beginners spelen mee met de tik in plaats van erop te spelen. Probeer de tik te zien als de grond waarop je loopt: je aanslag valt er precies mee samen en niet net erna. Een tweede valkuil is meteen te hoog beginnen, waardoor je het tempo haalt maar de kwaliteit verliest. Neem liever een stap terug en bouw rustig op.
Wat je vandaag al kunt doen
Zet de metronoom op 60, kies twee akkoorden die je al kent en speel ze tien minuten lang in wisseling. Noteer daarna welk tempo je hebt gehaald. Over een week weet je precies hoe snel je vooruitgaat, en dat is motiverender dan een vaag gevoel van vooruitgang.